RSS
  • Fun. ambieert Broadway in de Melkweg

    8 okt 2012, 19:25

    Thu 6 Sep – FUN @ The Melkweg The Max

    Het Amerikaanse Fun. bracht dit jaar het tweede album ‘Some Nights’ uit en heeft hiermee onder andere in de populairste Amerikaanse series een plekje weten te winnen. Woensdagavond stond de band in een uitverkochte Melkweg.

    Het eerste bezoek aan Europa, en dus ook Amsterdam, is voor het gezelschap zichtbaar spannend. Één van de bekendste hits wordt meteen The Max ingeslingerd en meegezongen. ‘Carry On’ genereert een groots applaus en haalt de illusie weg dat er een divers publiek aanwezig is; het aantal aanwezige tienermeisjes kan zo van een Ed Sheeran feestje vandaan komen.

    Zanger Nate Ruess zet met ‘One Foot’ de noot neer voor deze avond; breed grijnzend, poppig, en haast kinderlijk dendert Ruess rond met bretels, knokige knieen en een stem die smeekt om bevestiging. De geboren showman sleept een band met zich mee, hoewel deze zich zeer naar de achtergrond houdt. Het vocale spektakel zet zich voort in ‘All The Pretty Girls’ van het debuutalbum, waar haast niet meer aan een musical-element ontsnapt kan worden. Ruess claimt het podium met grootste passen en met heftige, scherpe slagen tunnelt hij zijn enthousiasme zoals de Grieken dat deden door met servies te smijten.

    Het is niet zeer verrassend dat de set een dipje kent. Fun. wil het allemaal zo graag dat zij net als een wanhope puber iedereen bij zich weg jaagt. Tijdens ‘Why Am I The One’ wagen een paar keeltjes zich aan het refrein maar de sfeer blijft mild. Het nummer is echter wel één van de betere nummers qua uitvoering. Een zichtbare frustratie heerst bij de frontman wanneer ‘All Alright’ van het nieuwe album trots gepresenteerd wordt maar zijn steun niet ondervindt. Een wederom musical-hoogepuntje treffen we bij ‘Barlights’, waar een grote glimlach en Pinokkio-dans niet ontbreken.

    Na het dipje keert een bries zowel publiek als performer 180 graden om; het felle ‘We Are Young’ zet Fun. terug in het popelement waar zij zo goed in zijn. De bries zet zich voort als een wervelwind, spelend met de grenzen van het plafond. Want Ruess zijn stem heeft nog geen valse noot gelaten en in zijn wanhoop om deze te bewijzen laat hij er bijna een falsetto op na. In deze derde helft mogen we nog genieten van een cover van The Rolling Stones’ ‘You Can’t Always Get What You Want’.

    In de toegift staat de creme de la creme van het gelijknamige tweede album ‘Some Nights’, waar iedereen eigenlijk de monsterhit had geplaatst. Gelukkig pakt het op dit punt in de set beter uit en klinken ze nog in de meest voltooide versie van zichzelf in de race naar de finish.

    Wat op plaat vooral klinkt als het opzoeken van de extremen op het gebied van pop, komt in levende lijve tot vorm als een ambitieuze auditie voor een show op Broadway. Een jeugdige guilty pleasure waar je zo wanhopig mee wilt meeschreeuwen maar het eigenlijk niet kan. Maar sommige nachten, dan wel.
  • The Toy Dolls in de Melkweg

    8 okt 2012, 19:14

    Thu 4 Oct – The Toy Dolls

    Het is moeilijk te geloven dat The Toy Dolls als sinds 1979 hun punkgeluid verspreiden over de wereld en er nog geen eind aan gebreid hebben. Dit jaar kwamen ze tevens met het twaalfde studioalbum ‘The Album After The Last One’.

    Op een kille donderdagavond treffen we de Engelse punkrockers in The Max van de Melkweg, met een publiek ten grootte van de Oude Zaal. De band sleept een oude garde aan fans mee, van fanshirts tot blauwgeverfde hanenkammen.

    Verscholen achter de herkenbare felgekleurde zonnebrillen en hoog opgetrokken stropdassen maken ze hun entree. Vanaf de eerste minuut legt het hoge tempo van de snelle rockers de lat hoog. Vrolijke ska, snelle gitaarpunk en ADHD in zijn puurste vorm denderen over het podium. Met twaalf albums op zak horen we een brede variatie aan songs, waaronder ‘Dougie Giro’ van het debuutalbum, in volle enthousiasme meegezongen.

    Een tornado van aan elkaar geregen jaren ’80 nummers en de single ‘Decca’s Drinkin’ Dilemma’ van het nieuw album passeren in zeer korte tijd. De Max lijkt het tempo van het hoogst energieke spel van zanger “Olga” en zijn kompanen nauwelijks bij te kunnen houden. Crowdsurfers schieten als paddestoelen uit de grond en werpen zich met een constante in de wiebelende voorste rijen. Confettikanonnen wekken de illusie dat dit wel eens een afscheidconcert zou kunnen zijn.

    Van het arsenaal aan hits horen we publiekstrekker ‘Nellie the Elephant’, helaas weggestopt in het midden van de set. Verder horen we ‘Dig That Groove Baby’, ‘Idle Gossip’ en ‘Olga I Cannot’, een kenmerkend nummer van frontman Michael “Olga” Algar. Het onverstaanbare Noord-Engelse accent en de hoge snerpende keelstem van deze man tekent een brede glimlach op deze feestende punkband.

    The Toy Dolls zullen als onmiskenbare punkband uit de eighties geen nieuwe records breken met het nieuwe album. Het trio staat staat echter altijd garant voor een good old fashion punkrockfeest. Zelfs in 2012.
  • The Airborne Toxic Event brengt de Melkweg tot een hoogtepunt

    21 nov 2011, 15:06

    Fri 28 Oct – The Airborne Toxic Event

    Doorgebroken met een hit die de hemel in is geprezen en kapot gedraaid is door iTunes luisteraars moet het Amerikaanse The Airborne Toxic Event waar maken meer dan een eendagsvlieg te zijn. Het Californische vijftal stond gisterenavond in de Melkweg.

    Ondanks een daverend applaus nog voordat de band van start is gegaan begint zanger Mikel onzeker en aarzelend. Al gauw slaat dit over naar zijn vertrouwde rauwe en half schreeuwende stemgeluid, met een knipoog naar Dropkick Murphy's frontman.

    Zelfs met zijn vijven op een minuscuul podium gepropt barst de energie er vanaf. Een solide vierman band wordt versterkt met een vrouw op de voorgrond, wiens stemgeluid kippenvel voortbrengt in combinatie met Mikel. Violiste Anna Bulbrook multitasked een eind weg tussen viool, keyboard en zang. Gitarist Steven Chen werkt inmiddels in vier nummers vier verschillende instrumenten af. Mikel laat zich niet kennen; hij kan het ook allemaal.

    Mikel's verleden als fictieschrijver werkt duidelijk als prima basis voor een singer songwriter; hele levensverhalen passeren in het eerste deel van de set alsof ze voor zijn ogen plaatsvonden. Na het tweede nummer toont The Airborne Toxic Event zijn waardering al voor het liefdevolle publiek met een bescheiden bedankje. Mikel keert na een korte pauze terug met drank in de ene hand en een camera in de andere, om zichzelf en het bijzonder enthousiaste publiek te filmen. Vervolgens loopt hij doodleuk het publiek in om een potje mee te springen. "Jump around like donkeys! I love this band!"

    Opgebouwd met de ballads ‘A Letter to Georgia’ en ‘All For A Woman’, over in alternatieve rock met ‘Something New’ en verder in snoeiharde rock met punkelementen tijdens ‘Numb’, het siert ze allemaal. Geen steekje laten ze vallen; zelden heb ik een band zo op elkaar afgestemd horen spelen. Zelfs zo erg dat de volledige band er een synchroon spastisch hoofdknikje op na houdt. Maar wel in de maat! Steven beheerst met afstand de beste gitaarsolo’s, Noah bewijst dat de basgitaar niet slechts een saaie baslijn hoeft te zijn en Anna blijft verbazingwekkend mooi om naar te kijken tijdens haar vioolspel. Het synchrone en meeslepende spel trekt het publiek steeds verder de hoogte in wanneer ‘Does This Mean You’re Moving On’ en ‘Gasoline’ snel volgen. Een complimentje gaat overigens uit naar de techniek; het geluid stond meer dan perfect afgesteld.

    Hoe kan het ook anders dat het toppunt bereikt wordt tijdens 'Sometime Around Midnight', waar zovelen de band mee hebben leren kennen. Het magische geluid van de plaat klinkt live zo mogelijk nog puurder en zuiverder, iets wat velen ze niet zullen nadoen. In beweging, geluid en gezichtsuitdrukking lijken de bandleden, en wij, in complete vervoering van de muziek die ze produceren.

    Je hebt bands die vanaf de eerste minuut losbarsten en later inzakken en bands die langzaam aan opbouwen met steeds meer passie en meer kippenvel tot een hoogtepunt. En daarvan was The Airborne Toxic Event zonder twijfel de tweede.
  • Dry the River op weg naar grootsheid in Bitterzoet

    21 nov 2011, 15:01

    Thu 22 Sep – Dry The River

    De laatste editie van Lowlands lieten ze een goede indruk achter in Nederland. Afgelopen week speelde Dry the River in een bomvolle Bitterzoet in Amsterdam. Wat op de poster op de deur aankondigd wordt als een mix van Damien Rice en Mumford & Sons belooft wat te worden. In de rij voor de deur wordt er tussen indieliefhebbers druk gediscussieerd over wat ons deze avond te wachten staat. “Ze zijn al doorgebroken in Engeland maar, niemand hier kent ze.”

    Exact om 21.00 breekt Dry the River het gigantische rumoer van de enorme hoeveelheid mensen die zijn komen opdagen. Het startschot is afgegeven en de heren barsten los met de nieuwste single “No Rest”. Zonder introductie of intro rolt de hit met de fijne meezinger ‘I loved you in the best way possible’ als een vloedgolf de zaal in. Ze spelen zuiver, heerlijk, geweldig. Het publiek voelt de energie aan en beantwoorden met luidkeels applaus. Het gitaarwerk doet sterk denken aan de Editors en de meerstemmige folkzang aan een andere sensatie van 2011, namelijk Fleet Foxes.

    Het standaard clubje van zanger, gitarist, bassist en drummer wordt aangevuld met een violist. Eentje die zijn klank niet verliest in overstemmed gitaargedruis. Het akoestische spel en de aparte stem van Peter Liddle komen prachtig tot zijn recht in de kleine zaal. Het sluike blonde haar van de zanger doet denken aan Kurt Cubain, juist vandaag toen het album Nevermind twintig jaar geleden uitkwam. De raszuivere stem is een lust voor het oor. Een gedetailleerde beschrijving van de bandleden blijft uit – in eem stampvolle Bitterzoet gevuld met de langste mensen ter wereld ziet onze kleine reporter niet zo veel. Tussen al het volk door spotten we nog net een AC DC shirt bij de bassist, een verwijzing naar het genre dat de band ooit speelde.

    Het praatgrage indiepubliek lijkt geen ruimte te bieden aan de met emotie beladen ballads in de setlist, de zaal blijft rumoerig. Dry the River is echter niet te temmen; in een eigen wereld, spelend als één wanen we ons in een veel grotere zaal dan we zijn. En het is te merken hoe weinig het ze kan schelen: “You dont have to listen to our shit, but you can wear our shirts.” Spelen met het publiek is ze niet onbekend; alle handen gaan een moment de lucht in, met hier en daar een pols vol met Lowlandsbandjes, voor een foto die de gitarist maakt.

    De set voelt als een constante aanloop naar iets groots, ondanks het feit dat ze midden in de set qua energie even inzakten. De band met hitpotentie heeft nog geen meezingers in het vooruitzicht, op een enkele fan na die van achterin de zaal zin voor zin “New Ceremony” meeschreeuwt. De hardere nummers komen live beter tot zijn recht, met uitzondering van het nummer “Weights and Measures” dat volledig akoestisch ingezet wordt (zonder microfoon ook) en later uitmond in keiharde indie. De eerdere vergelijking naar Mumford and Sons en Damien Rice is vrij onterecht , de toevoeging van een violist en de lijzige meerstemmige folkzang lijken in de verste verten niet op andere bands. Dan nog eerder een ruige variant van Fleet Foxes of Band of Horses.

    Een krap uurtje biedt meer dan genoeg tijd om de bezoekers zich af te laten vragen of ze zojuist een band hebben gezien die op het punt van doorbreken staat. Dry the River drijft op een golf van potentie die nodig uitgewerkt moet worden. Zodat we ze de volgende keer in volle glorie in Paradiso mogen aanschouwen.